De Pauselijke Zwitserse Garde

De Pauselijke Zwitserse Garde

De Pauselijke Zwitserse Garde beschermt de paus en bewaakt belangrijke locaties in Vaticaanstad. Het korps bewaakt onder andere het Apostolisch Paleis en belangrijke toegangspoorten tot Vaticaanstad. Voor de politietaken werkt de Garde samen met de Vaticaanse Gendarmerie.

De eenheid werd in 1506 opgericht door paus Julius II en geldt als een van de oudste nog bestaande militaire korpsen ter wereld. In 1505 vroeg Julius II het Zwitserse Eedgenootschap om soldaten voor de verdediging van het Vaticaan. Zwitserse huurlingen genoten in die tijd een goede reputatie. Op 22 januari 1506 arriveerden de eerste 150 gardisten in Rome en traden zij in dienst van de paus.

Toelating

Kandidaten moeten mannelijke Zwitserse staatsburgers, praktiserend katholiek en ongehuwd zijn. Daarnaast moeten zij tussen de 19 en 30 jaar oud en minstens 1,74 meter lang zijn. Ook moeten zij een onberispelijke reputatie hebben.

Kandidaten moeten eerst de basisopleiding van het Zwitserse leger hebben afgerond en beschikken over een middelbareschooldiploma of een gelijkwaardige opleiding. In Rome volgen zij aanvullende trainingen in marcheren, Italiaans en het gebruik van hellebaard en zwaard.

Bij toelating moeten gardisten ongehuwd zijn. Na minimaal vijf jaar dienst kunnen zij onder voorwaarden trouwen.

Eed

Nieuwe rekruten leggen traditioneel rond 6 mei de eed van trouw aan de paus af. Zij doen dit in het Duits, Frans, Italiaans of Reto-Romaans, afhankelijk van hun afkomst. De datum herinnert aan de Sacco di Roma, de plundering van Rome in 1527. Tijdens deze plundering sneuvelden 147 gardisten bij de verdediging van paus Clemens VII.

Bij de eed houden de rekruten met hun linkerhand het vaandel van de Garde vast. Met hun rechterhand steken zij duim, wijsvinger en middelvinger omhoog. Dit is het teken van de heilige drie-eenheid.

Uniform

Het dagelijkse tenue van een gardist is donkerblauw met witte accenten. Bij ceremonies dragen de gardisten het bekende rood-geel-blauwe uniform. Daarbij dragen zij een zwaard, hellebaard en/of moderne vuurwapens.

Bij speciale diensten wordt de baret vervangen door een helm. Details van het uniform kunnen per rang verschillen. Het kleurrijke uniform wordt vooral bij ceremoniële gelegenheden gedragen.

Vaandel

Zoals veel legereenheden heeft de Zwitserse Garde een eigen vaandel. Het is een vlag met een wit kruis in het midden, dat de vlag in vier vlakken verdeelt. Deze zijn als volgt ingevuld:

  • Linksboven: het persoonlijke wapen van de regerende paus.

  • Rechtsonder: het wapen van paus Julius II, de stichter van de Garde.

  • Linksonder en rechtsboven: de traditionele kleuren van de Garde; rood, geel en blauw.

  • In het centrum: het persoonlijke wapen van de huidige commandant van de Zwitserse Garde.

Vaandel van de Zwitserse Garde

Organisatie en rangen

De Pauselijke Zwitserse Garde telt 135 leden, verdeeld over officieren, onderofficieren en manschappen.

Officieren

  • 1 commandant (kolonel)

  • 1 vicecommandant (luitenant-kolonel)

  • 1 aalmoezenier (luitenant-kolonel)

  • 1 majoor

  • 2 kapiteins

  • 3 luitenanten

Onderofficieren

  • 1 sergeant-majoor

  • 9 sergeanten

  • 14 korporaals

  • 17 vice-korporaals

Manschappen

  • 85 hellebaardiers

© Tussenkop 2026

Meer

Bronnen

National Geographic

https://www.nationalgeographic.nl/cultuur-samenleving/a69524631/zwitserse-garde-kleinste-leger-paus

KRO NCRV

https://kro-ncrv.nl/katholiek/encyclopedie/z/zwitserse-garde

Wikipedia

https://en.wikipedia.org/wiki/Swiss_Guard